Margret Eikens - Praktijk voor Spirituele Therapie
Tel. 06 - 526 249 11
info@margreteikens.nl

Rouwen - Omgaan met verlies

Vrijwel iedereen wordt vroeg of laat geconfronteerd met het overlijden van een dierbare. Als iemand waar je van houdt, sterft, kan dat heel ingrijpend zijn en je leven totaal ontwrichten. Als nabestaande sta je voor de taak om te leren omgaan met het verlies. Dat is wat wordt bedoeld met rouwen. Maar hoe gaat dat eigenlijk, rouwen? Hoe voel je je als je rouwt? Wat beïnvloedt je vermogen om te rouwen en te herstellen? En hoe lang duurt een periode van rouw?

Rouwen is een proces van aanpassing.   Als nabestaande moet je jezelf en je verdere leven aanpassen aan het gegeven dat een dierbare definitief afwezig is. En dat kan een hele opgave zijn. Het is nodig om de pijn en het verdriet te doorleven en er niet voor weg te lopen. Er zijn veel opvattingen over hoe je moet omgaan met verlies. Maar niemand doorloopt een rouwproces op dezelfde manier en er is geen richtlijn te geven voor de manier waarop verlies verwerkt moet worden.

Gevoelens tijdens het rouwproces.   Ieder mens rouwt dus op zijn eigen manier en gevoelens en rouwreacties kunnen heel verschillend zijn. Nabestaanden ervaren vaak vele heftige, verwarrende en soms ook tegenstrijdige gevoelens. In het begin kan er ontkenning en ongeloof zijn, emotionele verdoving, hevige uitbarstingen van verdriet, boosheid of angst, of totale gevoelloosheid. Maar ook depressiviteit, verwarring, concentratieproblemen, wanhoop en eenzaamheid komen voor tijdens het rouwproces. Sommigen zijn niet in staat iets te doen terwijl anderen juist heel actief zijn of gewoon doorgaan met hun normale activiteiten. Daarnaast komen ook positieve gevoelens voor, zoals dankbaarheid of opluchting.

Factoren die van invloed zijn op een rouwproces.   Er zijn factoren die het rouwen kunnen bemoeilijken of belemmeren. Zij kunnen verklaren waarom sommige mensen meer moeite hebben met het hanteren van verdriet dan anderen of waarom mensen kunnen vastlopen in het rouwproces.

Zo is de mate waarin het leven van een nabestaande verandert afhankelijk van (a) de relatie met de overledene. Er kan bijvoorbeeld sprake geweest zijn van een zeer hechte relatie, zoals bij partners die alles samen deden. Of van een relatie waarin de nabestaande zich afhankelijk voelt van de overledene en daardoor weinig vertrouwen heeft zich verder zonder de overledene te kunnen redden. Maar ook kunnen zich veel ruzies hebben voorgedaan, waardoor een nabestaande achterblijft met onopgeloste conflicten, boosheid of schuldgevoelens.

Ook (b) de manier waarop iemand is overleden kan het rouwproces beïnvloeden. Een dierbare kan plotseling zijn overleden, bijvoorbeeld als gevolg van een ongeluk, moord of zelfmoord. Of er kan sprake zijn van voortijdig overlijden zoals bij het overlijden van een kind. De rouwverwerking kan ook bemoeilijkt worden als een sterfgeval door de omgeving niet wordt erkend, bijvoorbeeld bij een doodgeboren kind, een miskraam of abortus. Maar een nabestaande kan ook gevoelens van opluchting ervaren als een dierbare is overleden na een lang en pijnlijk ziekbed.

Om verlies te verwerken en de draad van het leven weer op te pakken, is (c) de aanwezigheid van sociale steun belangrijk, mensen om mee te praten en het verdriet mee te delen. Maar soms weten mensen in de omgeving niet hoe zij troost en steun moeten bieden en denken zij dat zij de nabestaande moeten ontzien of juist moeten opvrolijken. Dit terwijl een nabestaande vaak niet meer wil dan een luisterend oor en/of een arm om de schouder.

De manier waarop iemand heeft leren (d) omgaan met emoties, kan bepalend zijn voor de manier waarop hij omgaat met de emoties na het overlijden van een dierbare. Zo kan een nabestaande wellicht zijn emoties niet of moeilijk toelaten of uiten, of kan of wil hij niet praten over het verlies. Ook kan iemand worden beïnvloed door zijn persoonlijke opvattingen, zoals ‘een man mag niet huilen’ of ‘je moet sterk zijn’.

Ook (e) eerdere belangrijke verliezen kunnen problemen geven bij het rouwen. Als iemand, bijvoorbeeld op jonge leeftijd, een dierbare heeft verloren maar niet om dat verlies heeft kunnen rouwen, zal hij bij een nieuw verlies mogelijk niet in staat zijn om gevoelens toe te laten.

En als er sprake is van (f) stressfactoren of -gebeurtenissen in het leven van een nabestaande die zijn energie en aandacht opeisen, kan dat het rouwen verstoren. Maar uitgestelde rouw gaat niet weg. Verdriet zal zijn plaats opeisen op het moment dat het leven in rustiger vaarwater is.

Het rouwverwerkingsproces vraagt de volle inzet van gedachten en gevoelens. Als een nabestaande zichzelf verdooft door (g) misbruik van alcohol of drugs, zal hij niet goed in staat zijn om het verlies te verwerken. De taak wordt daardoor uiteindelijk zwaarder: het alsnog leren leven met het verlies in combinatie met de opgave om nuchter te blijven.

Vervormde rouw.   Als nabestaanden geen mogelijkheden zien om hun leven aan te passen en de overledene los te laten, kan rouw chronisch worden. Bijvoorbeeld ouders die pogingen om de draad weer op te pakken als verraad ervaren aan de herinnering aan hun kind. Een rouwproces kan ook vervormd raken als een nabestaande volledig in beslag wordt genomen door woede of schuld. Schuldgevoelens en woede zijn emoties die normaal zijn in een rouwproces, maar als deze emoties een centrale plaats gaan innemen, kan dat het herstel belemmeren.

Het einde van een rouwproces.   Aan het einde van een rouwproces zal een nabestaande verstandelijk en emotioneel aanvaard hebben dat het overlijden werkelijkheid is, ook al zullen sommigen het nooit helemaal kunnen aanvaarden. Het verdriet en de emotionele pijn gaan zelden helemaal weg, wel zijn de emotionele reacties aan het einde van het rouwproces vaak minder intens geworden. Een nabestaande zal na verloop van tijd merken dat de tijd en energie die is geïnvesteerd in de verwerking van het verlies, weer kan worden besteed aan andere bezigheden. Men kan gaan ervaren dat het leven weer zin heeft.

De duur van een rouwproces.   Hoe lang een rouwproces duurt is niet te zeggen. Dat verschilt per persoon en is onder meer afhankelijk van factoren zoals hierboven omschreven. Een periode van enkele maanden tot een paar jaar is normaal. Mensen herstellen zich op hun eigen manier en in hun eigen tempo. Je kunt heel langzaam vooruitgaan, maar zolang er vooruitgang is, kun je op je eigen rouwverwerkingsproces vertrouwen.

Behoefte aan hulp?   Schakel mij in als je hulp nodig hebt in jouw rouwverwerkingsproces; om jouw verlies te verwerken en de draad van je leven weer op te pakken. Maak een afspraak voor een kennismakingsgesprek, om vast te stellen wat mijn begeleiding voor je kan betekenen.  Tel. 06 52 62 49 11  of  info@margreteikens.nl